De nieuwe NPR 7910-1 2018 nu in ontwerp beschikbaar

Onlangs (01-02-2018) is het nieuwe ontwerp van de NPR 7910-1 versie 2018 gepubliceerd. Deze bevat weer diverse wijzigingen waarvan we hier de belangrijkste noemen.

De NPR 7910-1 is een belangrijke norm, omdat deze vaak wordt gebruikt voor het bepalen van de klasse van de Ex-zones (ook wel ATEX zones of gevarenzone of gevaarlijke gebieden genoemd). Naast de klasse van de zone is ook de omvang van de zone belangrijk.

De belangrijkste wijzigingen van de nieuwe NPR 7910-1

  • Beoordeling van explosie risico’s (nieuwe paragraaf 4.5.2)
    Op basis van een risicoanalyse kan worden bepaald of een hoger of lager beschermingsniveau van materieel kan worden toegepast in een gevarenzone. Dus er kan worden afgeweken van de standaard EPL – gevarenzone voorschriften (zone 0 = EPL Ga; zone 1 = EPL Gb; zone 2 = EPL Gc.
  • Brandbare nevels (paragraaf 4.8 (nieuw nummer))
    Brandbare nevels kunnen ook bij vloeistoffen met een hoger vlampunt een explosieve atmosfeer vormen. Er zijn extra voorbeelden genoemd, zoals deze worden beschreven in de zogenaamde EI15 (Energy Institute, versie 2015).
  • Een nieuwe gevarenzone: “Inert Gebied” (paragraaf 5.1 en 11.2)
    Er is een nieuwe gevarenzone gedefinieerd, het zogenaamde Inert Gebied. In een inert gebied is geen zuurstof aanwezig.
  • Arbeidshygiënische strategie (nieuwe paragraaf 5.2.1)
    In paragraaf 5.2.1 Veiligheidsprincipes wordt nader uitgelegd dat al tijdens een ontwerp van een installatie onderzocht moet worden wat de kans is op het vrijkomen van brandbare stoffen en hoe dit zoveel mogelijk kan worden vermeden.
  • Kwalificatie van personeel (nieuwe paragraaf 5.2.4)
    De gevarenzone-indeling dient te worden uitgevoerd door personen die kennis van zaken hebben. Er wordt gerefereerd aan de IECEx05 module Ex 002.
  • Continue gevarenbronnen (paragraaf 7.2)
    De voorbeelden van continue gevarenbronnen zijn uitgebreid met o.a. de binnenzijde van tanks en vloeistofoppervlakken die in directe verbinding staan met de atmosfeer.
  • Onderdelen die niet als gevarenbron worden beschouwd (paragraaf 7.5.1)
    Het begrip “Technisch Dicht” is geïntroduceerd (in de Duitse normgeving wordt dit eveneens gebruikt en nog meer in detail beschreven). Technisch dichte installaties worden onder bepaalde voorwaarden niet als gevarenbron beschouwd en geven dus geen gevarenzone. Essentieel is hierbij ventilatie. Er is nu voorgeschreven dat er zonder kunstmatige ventilatie altijd een verversing van 1 maal per uur moet zijn.
  • Kunstmatige plaatselijke ventilatie: afmetingen van de gevarenzone zijn gewijzigd (tabel 7)
    De afmetingen van de gevarenzone bij kunstmatige plaatselijke ventilatie met voldoende beschikbaarheid en voldoende capaciteit is niet alleen het plaatselijke afzuiggebied, maar een gebied van r1=1m, 7m of anders bepaald.
  • Effect van openingen (paragraaf 10.3.4)
    In tabel 8 zijn toevoegingen geplaatst met betrekking tot de omvang van een zone (bij openingen van type A, B en C)
  • Afwijkend gebied (paragraaf 11.1)
    De paragraaf bevat een belangrijke aanpassing, er is nu weer opgenomen dat een Afwijkend Gebied niet mag grenzen aan een gevarenzone. (Dat stond ook al in de oude editie van de NPR 7910-1:2001)
  • Werkzaamheden in ATEX zones (hoofdstuk 14)
    – Ook bij werkzaamheden in een ATEX zone 2 dient de gasconcentratie continu te worden gemeten (tenzij hiervan gemotiveerd kan worden afgeweken)
    – Er is een nieuwe paragraaf toegevoegd over werkzaamheden in en/of aan geopende installaties
    – Er een nieuwe paragraaf toegevoegd (14.6) omtrent het veilig werken middels een procedure (werkvergunning).
reactor in Ex zone